zondag 12 mei 2013

Il Derby del Riso

Kaboem!!! De Novara-ultra’s hebben kennelijk het politiecordon weten te omzeilen en verschijnen plotseling in slagorde aan de rand van het parkeerterrein achter het Silvio Piola Stadion. Ze marcheren in de richting van de ingang van de Curva Ovest, de plek waar de fanatieke supporters van Pro Vercelli huizen. De bom ontploft vlakbij onze auto, die daar geparkeerd staat, en gaat gepaard met een dik rookgordijn en enkele harde vuurwerkknallen. Binnen een splitsecond staan de ultra’s van beide kampen tegenover elkaar en worden er over een weer rake klappen uitgedeeld. Adrenaline en testosteron vliegen door de lucht, vergezeld van uitdagende spreekkoren en niet mis te verstane krachttermen in dialect. Wij zitten ondertussen ineengedoken in onze auto. Die ochtend waren we door mijn vriend Jacopo al gewezen op het gevaar rondom de Piemontese derby, en nu we er middenin zitten wil ik geen enkel risico nemen; deze keer heb ik namelijk mijn vrouw en zoontje van drie meegenomen om een wedstrijd van Pro Vercelli te zien… Vanuit onze ooghoeken zien we hoe de M.E. ternauwernood tussenbeide weet te komen en knuppels moet gebruiken om de kemphanen uit elkaar te halen. Als het gevaar geweken lijkt, begeven we ons op onze hoede naar de hoofdingang van het stadion. Aldaar treffen we verschillende bekenden die ons enthousiast en enigszins bezorgd begroeten. Marco vertelt ons op te passen, want de Novara-ultra’s hebben een bom meegebracht… Daniele begroet ons in zijn bezwete witte poloshirt en met een blik op zijn gezicht alsof hij net zelf heeft meegedaan in de confrontatie.

Eenmaal in het stadion zoeken we onze plek op de monumentale hoofdtribune en zien we dat het stadion aan de oostkant helemaal blauw is gekleurd, tegenover weinig wit. Jacopo had die ochtend verteld dat de kaarten voor Novara-fans al weken waren uitverkocht. Meer dan duizend Blauwen bevolken de Oosttribune en een deel van de tribune aan de lange zijde. De Witten zijn vooralsnog in de minderheid, want de Curva Ovest is zo goed als leeg. Volgens de gebruinde 60-plusser die naast mij zit, is dat uit protest vanwege het slechte spel van de laatste weken. De man draagt een witte Pro Vercelli-pet en stelt zich voor als Papà. Hij steekt meteen van wal en blijkt een echte Vercellese: geen goed woord over voor de slecht presterende ploeg, maar wel apetrots dat zijn zoon voor de club werkt. Die mix van pessimisme en trots is typerend voor de Vercellese, vertelde Jacopo mij al eens tijdens een eerder bezoek. De Vercellese heb ik echter ook leren kennen als een warm volkje, en dat blijkt eens te meer als verschillende mensen ons op de tribune welkom heten en interesse tonen in mijn passie voor de club. Uiteraard is mijn zoontje – blond haar, blauwe ogen, wit Pro Vercelli-shirtje – een trekpleister op zich. Thuis had hij het “Forza Pro!” al geoefend. Zo hard als hij kan schreeuwt hij nu mee met de fanatieke fans op de Curva Ovest die hun plekken vlak na de aftrap weer hebben ingenomen. “Forza Pro! Forza Pro! Forza Pro!” De wedstrijd van het jaar wil niemand missen.

Tot schrik van mijn zoontje worden met twee luide knallen aan weerszijden van het stadion de spreekkoren door de beide harde kernen ingezet. De adrenaline en testosteron van buiten het stadion vliegen nu door het door de warme lentezon verhitte stadion. Naast mij vervolgt Papà onmiddellijk zijn klaagzang. De Pro Vercelli-spelers kunnen in zijn ogen weinig goeds doen, en eerlijk gezegd laten De Withemden op het veld ook weinig goeds zien. “Male, male, male”, hoor ik hem herhaaldelijk naast mij foeteren. Het vermaarde combinatievoetbal van vroeger tijden is dan ook ver te zoeken. De Pro Vercelli-aanval presteert overduidelijk ondermaats. Voorin lukt het niet de bal vast te houden, laat staan van man naar man te spelen. “Zie, ze raken geen knikker!”, roept Papà in mijn oor. “Zie dan!” Novara tikt de bal daarentegen wel snel rond en overklast de thuisploeg overduidelijk. Maar gelukkig beschikt Pro nog altijd over Valentini op doel, die zoals altijd de afgelopen drie seizoenen zijn mannetje staat. Met frisse tegenzin geeft Papà toe dat de doelman wel degelijk een goede speler is, maar na weer een gemiste uitbraak van Pro volgt snel weer gefoeter. Hardop telt hij de Pro-spelers achter de bal. “Dieci! Hoe wil je dan in hemelsnaam winnen?!” Nee, Papà heeft er geen enkel vertrouwen meer in, en ook de mensen om ons heen beginnen te morren. Hoe groot is het contrast als Pro Vercelli plotseling vanuit het niets op voorsprong komt. Een snelle uitbraak op links en een zondagsschot van Scaglia resulteren in de openingsgoal. 1-0 voor Pro Vercelli! Iedereen op onze tribune gaat finaal uit zijn dak. Een orgastische vreugde-explosie zoals waarschijnlijk in geen jaren in het Silvio Piola Stadion is voorgekomen. Mijn zoontje kijkt zijn ogen uit. Zelfs Papà is als een kind zo blij en omhelst mij met een brede grijns op zijn gezicht.

Twee minuten later valt de gelijkmaker. En in de tweede helft komt Novara zo’n tien minuten voor tijd op 2-1. Een blauwe zee Novara-supporters viert een groot feest. Niets mooier dan de derby winnen... Met de Pro Vercelli-aanhang applaudisseer ik na het laatste fluitsignaal voor de thuisploeg. Het was ten slotte de laatste thuiswedstrijd van een memorabel seizoen geweest. “Male, male, male”, zegt Papà nog een laatste keer bij het afscheid. Een supporter spreekt me aan en zegt: “Niet getreurd, misschien spelen we volgend seizoen wel weer in de Serie B. Wie weet dat Pro de plek weer in mag nemen van een club in financiële problemen. De geruchten gaan rond.” Met vrouw en kind verlaat ik desalniettemin enigszins gedesillusioneerd - verliezen doet pijn, vooral een derby als deze - maar diep onder de indruk van de onvervalste derbysfeer de inmiddels leeggelopen Tribuna Laterale. Bij het verlaten van het Silvio Piola Stadion schudt een man die achter mij zat mij de hand en vertelt dat ik een wedstrijd heb gezien die representatief was voor dit seizoen. Een schrale troost. Novara merda, zoals sommige Pro Vercelli-tifosi ook wel zeggen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen